© 2018 | An Christiaens

  • YouTube Social Icon
  • Wix Twitter page
  • Wix Facebook page
  • Instagram Social Icon

Handelshuur 2.0.: CD&V gaat voor modernisering

April 26, 2016

 

De Handelshuurwet dateert van 30 april 1951 en behoort sinds de zesde staatshervorming tot de regionale bevoegdheden. De regionalisering is voor CD&V de kans om te behouden wat goed is, maar ook om enkele principes op Vlaams niveau een invulling te geven die meer past bij de eigen tijd. Met het voorstel willen ze de wetgeving minder rigide maken, ondernemerschap in Vlaanderen stimuleren en handelskernen opnieuw zuurstof geven.

An Christiaens:

“Ondernemen vandaag is anders dan ondernemen in 1951. Ons voorstel doet niet teniet aan de wetgeving zoals ze nu vastligt, maar wil bepaalde principes eigentijdser invullen. De huidige federale wetgeving biedt een goed evenwicht tussen handelaar en verhuurder en een volledige herwerking is dus niet nodig. Op Vlaams niveau is onze conceptnota een startpunt om de handelshuurwet een update te geven voor de 21ste eeuw.”

Meer contractvrijheid

De minimumhuur van 9 jaar is het uitgangspunt. Op dit moment bieden huurcontracten tussen handelaar en eigenaar weinig flexibiliteit. In het voorstel blijft de minimumhuur van 9 jaar het standaardmodel, maar wordt het ook mogelijk een soepel contract op te stellen. De zekerheid van 9 jaar is nodig voor de handelaar om zijn zaak uit te bouwen en een vast cliënteel te verwerven. CD&V wil de opties open houden voor soepelere vormen van handelshuur als zowel handelaar als verhuurder daarmee akkoord gaan. Die maken het ondernemen meer flexibel.

An Christiaens:

“Een huurtermijn van 9 jaar biedt zekerheid, maar soms gaat een handelaar specifiek op zoek naar een ander type contract. Een pop-up bijvoorbeeld, of een soort van proefperiode om het ondernemersconcept te testen. In Frankrijk en Nederland bestaat zo’n soepele regeling al jaren. Als eigenaar en handelaar tot een akkoord komen, moeten ze de kans krijgen om een contract aan te gaan dat bij de situatie past.”

Continuïteit verzekeren

In de huidige situatie is er een discontinuïteit want komt er automatisch een einde aan een huurovereenkomst indien de handelaar niet volgens de huidige voorwaarden per aangetekend schrijven of deurwaardersexploot een hernieuwing aanvraagt. De wetgeving is daarbij bijzonder formalistisch. Als de huurder geen antwoord krijgt op zijn aanvraag, of als de aanvraag niet correct is ingediend kan dit zorgen voor problemen. Zo kan een vergetelheid van de huurder de toekomst van een bloeiende zaak de das omdoet. CD&V pleit daarom voor continuïteit: een automatische voortzetting tot één van beide partijen de huur opzegt in plaats van een automatische stopzetting na afloop van het contract, met de optie om opnieuw een contract voor 9 jaar af te sluiten.

 

 

An Christiaens:

“Geschillen bij handelshuurovereenkomsten gaan vaak over formalistische zaken. Met een automatische voortzetting wil CD&V voorkomen dat winkels die een vaste waarde zijn van de ene dag op de andere verdwijnen. Dat heeft immers een grote impact op cliënteel en personeelsleden.”

Herstellingen en kosten voor verhuurder en huurder

CD&V stelt voor om een beschrijving op te nemen van welke herstellingen ten laste zijn van huurder dan wel de verhuurder. Op dit moment is dit niet vastgelegd in de handelshuurwet. Naar analogie met woninghuurwet kan het Burgerlijk Wetboek hiervoor als basis gebruikt worden.

An Christiaens:

“Anders dan bij het huren van een woning is bij het huren van een handelspand niet duidelijk vastgelegd wie de kosten van herstellingen en verbouwingen op zich neemt. Dit zorgt voor heel wat discussies. Met een wettelijke regeling worden discussies en onduidelijkheid vermeden. Dat is voor zowel huurders als verhuurders positief.”

Overleg met alle actoren

Ook andere voorstellen voor wijzigingen komen op tafel. Het stopzetten van het huurcontract kan nu op drie manieren: door onderlinge overeenkomst, door de huurder of door de verhuurder voor persoonlijk gebruik. CD&V wil onderzoeken of ook andere motieven behalve persoonlijk gebruik een reden kan zijn tot stopzetting door de verhuurder. Wanneer huurder en verhuurder in onderling overleg de huur stopzetten, is nu een authentieke akte of een verklaring van de rechter vereist. Die procedure brengt kosten met zich mee voor een handelaar die het op dat moment mogelijk al in financiële moeilijkheden zit. Om die te vermijden wil het voorstel de handelshuur laten registreren in een registratiekantoor. Daar zou het huurcontract steeds stopgezet kunnen worden als dat gebeurt in onderling overleg.

Omdat het een technische materie betreft wil CD&V hoorzittingen organiseren met alle betrokken actoren in het Vlaams Parlement. De modernisering van de handelshuurwet moet een positieve impact hebben op ondernemerschap in Vlaanderen.

Please reload